Handleiding

Aan de slag met Claude Cowork

Deze handleiding hoort bij de Cowork Starterkit. Je leest hem van begin tot eind door en richt onderweg je eigen Cowork in. We beginnen bij nul, dus ook als je Claude nog nooit hebt geopend kun je hier starten.

Reken op ongeveer een uur voor de inrichting, plus een paar avonden voor het leerpad.

Stap 0

Voordat je begint

Twee begrippen waar de rest van deze handleiding op leunt.

Claude

Het model en de app

Claude is het AI-model van Anthropic en tegelijk de naam van de app waarin je het gebruikt. Je typt een vraag of een opdracht, Claude antwoordt. Tot zover werkt het zoals elke chatbot.

Het verschil zit in wat je Claude meegeeft. Hoe beter Claude weet wie je bent, hoe je werkt en waar je bestanden staan, hoe bruikbaarder het antwoord. Daar gaat deze handleiding over.

Cowork

De werkmodus met je bestanden

Cowork is de werkmodus van de Claude-desktopapp. Je wijst een map op je computer aan. Claude leest en schrijft daar bestanden, draait scripts en levert documenten op.

Je werkt samen aan een taak die uit meerdere stappen bestaat. Losse vragen stellen kan nog steeds, maar Cowork is gebouwd voor het werk dat daarna komt.

Wat je nodig hebt. De Claude-desktopapp op je computer en een abonnement waarin Cowork zit. Een map waarin Claude mag werken, bijvoorbeeld in je Documenten of in je clouddrive. Meer is er niet nodig om te beginnen.

Stap 0a

Het leerpad

Blok een half uur per week en werk deze gidsen in volgorde door. Ze zijn gratis en Engelstalig. Ben je alleen uit op de inrichting, sla dit blok dan over en ga direct naar stap 1.

Niveau 1. Beginnen

ongeveer 10 minuten

Voor wie Claude nog nooit heeft geopend. Legt ook uit wat AI eigenlijk is.

5 min

Wat je met Claude kunt doen, in hoofdlijnen.

5 min

Niveau 2. Cowork en skills

ongeveer 40 minuten

De belangrijkste van het hele pad. Cowork goed inrichten, voor wie niet programmeert.

18 min

Een taak die je vaker doet vastleggen, zodat Claude hem elke keer op dezelfde manier uitvoert. Skills kun je ook delen met anderen.

6 min

Claude koppelen aan je eigen apps, zoals je e-mail en je agenda.

8 min

Presentaties maken die er meteen goed uitzien.

7 min

Niveau 3. Klinken als jezelf

ongeveer 40 minuten

Een lang interview waarmee je Claude in jouw stem laat schrijven. Stap 1 van deze handleiding doet hetzelfde in het kort.

12 min

Waarom AI-teksten opvallen en hoe je dat eruit haalt. De starterkit heeft hier een eigen aanpak voor, zie stap 2.

20 min

Verder komen dan losse prompts, richting een vaste werkwijze.

10 min

Niveau 4. Zelf bouwen

ongeveer 15 minuten

Zelf een website of tool laten bouwen zonder dat je zelf programmeert. Zie ook hoofdstuk 8 hieronder.

14 min

De gidsen in dit leerpad zijn geschreven door Ruben Hassid en staan gebundeld op claude101.com. Ze zijn gratis en Engelstalig. De volgorde en de selectie hierboven zijn van mij, de teksten zijn van hem.

Stap 0b

Een certificaat op je LinkedIn

Op anthropic.skilljar.com staan de gratis cursussen van Anthropic. Rond er een af en je krijgt een certificaat voor je LinkedIn-profiel.

Gratis

Anthropic Academy

Op anthropic.skilljar.com staan gratis cursussen van Anthropic zelf, over onder meer AI-vaardigheid, Claude Code en het bouwen met de API. Je werkt ze in eigen tempo door. Reken op ongeveer een uur per cursus.

Voor deze handleiding zijn drie cursussen het meest relevant: Claude 101, Introduction to Claude Cowork en AI Fluency: Framework & Foundations.

Certificaat

Toets en certificaat

Elke cursus sluit af met een toets. Slaag je, dan krijg je een certificaat dat je op LinkedIn kunt zetten.

De cursussen leren verantwoord omgaan met AI en met Claude. Die basiskennis is nodig zodra je Claude gaat gebruiken voor communicatie met derden.

De inrichting

Negen stappen naar een ingerichte Cowork

Download eerst de starterkit en pak hem uit. Werk daarna deze stappen in volgorde door. Stap 5, 7 en 8 zijn optioneel, de rest doe je één keer en daarna nooit meer.

Koppel eerst je tools. Wil je Cowork aan je e-mail, je agenda of andere tools koppelen, typ dan /setup-cowork in Cowork. Die begeleide setup installeert plugins die bij je werk passen en verbindt je connectors. Deze starterkit vult dat aan met een mapopzet, een geheugen en een manier van werken. De twee haken in elkaar.

Vier lagen, elk met één taak

Je instellingen komen op vier plekken te staan. Dat lijkt omslachtig, maar het voorkomt dat dezelfde regel vier keer laadt zodra je aan een project werkt. Houd bij elke stap in je hoofd welke laag je aan het vullen bent.

Laag 1 en 2

Global instellingen en je vault

Global instellingen dragen wie je bent, je toon, je werkwijze, je verificatie-eisen, je tools en je guardrails. Die gelden overal waar je Claude gebruikt.

De CLAUDE.md van je vault draagt alleen de vault zelf: mappen, geheugen, routing, resources en het sessielog. Geen toon, geen guardrails.

Laag 3 en 4

Context-skills en werkstations

Context-skills dragen de vakregels per opdrachtgever of werkgebied. Ze laden alleen wanneer dat werkgebied aan de orde is.

Werkstations in tasks/ dragen het lopende werk en de scripts binnen één werkgebied. De skill blijft maanden hetzelfde, het werkstation verandert per week.

Bepaal je tone of voice

Claude schrijft standaard in een stijl die iedereen herkent als AI. Je haalt dat eruit door vast te leggen hoe jij klinkt. Dat profiel gebruik je in elke volgende stap.

Er zijn twee routes. Heb je weinig geschreven materiaal, open dan tone-of-voice-intake.md en beantwoord de vragen: voor wie je schrijft, hoe je wilt overkomen, welke woorden echt van jou zijn en welke je bewust vermijdt. Je vat je antwoorden samen in vijf tot acht regels.

Heb je een archief met verzonden e-mails, gebruik dan de brand-voice-skill. Je levert vijf tot tien berichten aan die klinken zoals je wilt klinken en de skill haalt daar je toon, je woordkeus en je zinslengte uit. De uitleg staat in skills/tone-of-voice-skill-info.md.

De twee routes vullen elkaar aan. Begin met de route die het snelst iets oplevert en vul later aan.

Klaar als je een blok van vijf tot acht regels hebt dat beschrijft hoe jij schrijft.

Schrijf je global instellingen

Dit is laag 1, het blok tekst dat elk gesprek stuurt. Open CLAUDE-global-sjabloon.md en vul de stukken tussen vierkante haken in: wie je bent, wat je doet, hoe je wilt dat Claude werkt en welke tools je gebruikt. Plak je tone of voice uit stap 1 erbij.

Neem ook de twee schrijfregels over die de kit meelevert. De humanizer-aanpak uit humanizer-aanpak.md haalt de patronen weg waaraan AI-tekst te herkennen is, zoals gedachtestreepjes en woorden als naadloos en holistisch. De NLP-regels uit vault-sjabloon/tasks/00_resources/nlp-rules.md gaan een stap verder en schrijven voor dat je opschrijft wat iets wel is.

Deel je guardrails op in groepen. Het sjabloon gebruikt er vier: versturen en publiceren, mensen en bedragen, uitvoeren en uitgeven, code en versiebeheer. Eén lange lijst werkt de eerste maand prima en wordt daarna onleesbaar, omdat je hem blijft aanvullen. Schrijf elke guardrail als harde regel, in de gebiedende wijs.

Schrijf je stukken waarin mensen voorkomen die ze zelf niet lezen, vul dan ook het blok over derden in. Daar staat onder meer dat elk bedrag gemarkeerd wordt als bevestigd tarief of als rekenvoorbeeld, en dat die twee nooit door elkaar lopen in één document. Dat is de fout die het snelst geld kost.

Plak het ingevulde blok daarna op twee plekken: in de Claude-app onder je persoonlijke voorkeuren, en in Cowork onder de projectinstructies. De eerste plek geldt overal waar je Claude gebruikt, de tweede alleen binnen dat project.

Klaar als hetzelfde blok op beide plekken staat en Claude in een testgesprek je naam en je werk noemt zonder dat je erom vraagt.

Zet je vault en geheugen neer

Kopieer de map vault-sjabloon naar de plek waar je wilt werken en geef hem een eigen naam. Deze map is tegelijk je Cowork-werkmap en, als je dat wilt, je Obsidian-vault. Koppelen aan Cowork doe je in stap 4.

Zodra de map aan een project hangt, leest Cowork bij het openen automatisch de CLAUDE.md die erin staat en volgt de instructies die erin staan. Dat is laag 2, dus alleen de vault zelf: hoe de mappen zijn ingedeeld en wanneer Claude wat moet laden. De genummerde mappen van 00-INBOX tot 10-SYSTEEM hebben elk een vaste functie, uitgelegd in een README per map.

Binnen 10-SYSTEEM heeft templates/ een eigen rol. Daar zet je de vorm neer van een document dat vaker terugkomt zonder eigen proces, dus het tussenstadium tussen een los projectbestand en een skill. De README in die map geeft het criterium, plus de regel dat een template bij het derde gebruik kandidaat wordt voor een skill.

Je hebt twee geheugens. Dat verrast mensen, en zonder rolverdeling raken dezelfde feiten op twee plekken uit de pas. tasks/MEMORY.md is het geheugen dat jij zelf redigeert: lopende projecten, gemaakte keuzes en namen die terugkomen. Houd elke regel kort en houd het plafond van 150 regels aan, anders wordt het bestand traag. De automatische memory van Cowork vult zichzelf tijdens het werk en die laat je met rust. Zie je daar iets in staan dat je zelf wilt beheren, verplaats het dan naar MEMORY.md.

Vul tot slot de routing map in CLAUDE.md met je eigen werkstations. Werk je voor meerdere opdrachtgevers of aan meerdere projecten, maak dan een HQ-map per project in tasks/. Dat is laag 4.

Obsidian, optioneel maar aan te raden. Cowork werkt met gewone mapjes en bestanden, dus je hebt niets extra's nodig. Wil je die bestanden ook prettig kunnen lezen en aan elkaar knopen, dan is Obsidian de logische aanvulling. Het is gratis, slaat alles lokaal op als platte markdown-bestanden en verandert niets aan je map. Downloaden kan op obsidian.md/download.

De combinatie werkt omdat beide naar dezelfde bestanden kijken. Claude schrijft een notitie weg, jij ziet hem meteen in Obsidian staan, en andersom leest Claude wat jij daar typt. Kies bij het openen van Obsidian de optie voor een bestaande map en wijs je vault aan.

Twee instellingen wil je meteen goed zetten, allebei onder Instellingen bij Bestanden en koppelingen. Zet de standaardlocatie voor nieuwe notities op 00-INBOX, anders belanden losse notities in de wortel van je vault. En zet het automatisch bijwerken van interne koppelingen aan, zodat een hernoemd bestand geen dode links achterlaat.

Klaar als Cowork bij het openen van de map je indeling kent en MEMORY.md drie of vier feiten bevat waar je vaak naar verwijst.

Maak je project in Cowork

Een project is de werkruimte waarin de rest terechtkomt. Het bundelt de map waarin Claude werkt, de instructies die voor al dat werk gelden, je terugkerende taken en een geheugen dat alleen bij dat project hoort. Werk je aan meerdere dingen tegelijk, dan houdt een project per onderwerp die werelden uit elkaar.

Je vindt Projecten in de linkerkolom van de Claude-desktopapp. De plusknop geeft drie manieren om er een te maken:

  • Vanaf nul. Cowork maakt een nieuwe map aan en jij vult de instructies en de eerste bestanden aan.
  • Overnemen uit een Claude-project. Heb je in de chat al een project met instructies en bestanden, dan haalt Cowork die op en zet er een lokaal project van. Eén project per keer.
  • Een bestaande map gebruiken. Dit is de route voor deze kit. Je wijst de vault aan die je in stap 3 hebt neergezet, geeft het project een naam en plakt je instructies erbij.

Wat er in een project zit. De instructies sturen alle taken binnen dit project, dus daar plak je het blok uit stap 2. De context bepaalt waar Claude leest en schrijft: een lokale map, een gekoppeld chat-project of een losse URL. Geplande taken laat je terugkeren binnen dit project. Het geheugen onthoudt wat je in dit project doet en draagt dat niet over naar een ander project.

Wanneer maak je een nieuw project? Zodra een werkgebied een eigen map, eigen instructies of eigen terugkerende taken heeft. Een losse vraag hoort in een gesprek binnen een bestaand project, geen nieuw project. Werk je voor meerdere opdrachtgevers, dan is één project per opdrachtgever een werkbare indeling, met de context-skill uit de volgende stap als vakinhoudelijke laag eronder.

Twee dingen om te weten. Projecten staan lokaal op je computer en synchroniseren niet naar de cloud, dus op een tweede machine staan ze er niet. Archiveer je een project, dan verdwijnt het uit de lijst terwijl je mappen en bestanden op je computer onaangeroerd blijven.

Klaar als je project je vault als map heeft, je instructies erin staan en een testopdracht een bestand op de juiste plek wegschrijft.

Maak je context-skillsbij meerdere werkgebieden

Werk je voor één opdrachtgever, sla deze stap over. Werk je voor meerdere, of aan projecten die weinig met elkaar te maken hebben, dan is dit de stap die je setup schaalbaar maakt.

Het probleem zonder deze laag: de regels van het ene werkgebied laden mee als je aan het andere werkt. Je vraagt om een factuur en krijgt de terminologie van een klantproject terug. Alles in één groot instructiebestand zetten maakt dat erger, want dan laadt bij elke opdracht alles.

Een context-skill is een klein bestand per werkgebied dat alleen laadt wanneer dat werkgebied aan de orde is. Cowork kiest de skill op basis van de beschrijving in de kop, dus je hoeft er zelf niet naar te verwijzen. Erin staan je rol, de vaste documenttypen, de termen die hier iets specifieks betekenen en de regels die alleen hier gelden. Je toon en je werkwijze horen er niet in, die staan al in laag 1.

Deel in naar waar je werk vandaan komt, dus per opdrachtgever, per merk of per product. Een indeling per taaksoort werkt minder goed, want dezelfde taak komt bij elke opdrachtgever terug. Uitleg en een invulbaar sjabloon staan in context-skills.md.

Test daarna of de skill laadt: geef een opdracht uit dat werkgebied zonder de naam ervan te noemen. Gebeurt er niets, dan mist de beschrijving de woorden die jij zelf gebruikt.

Klaar als je per werkgebied één skill hebt en die laadt zonder dat je het werkgebied noemt.

Zet de werkwijze aan

Hiermee gaat het van een opgeruimde map naar een systeem dat van zichzelf leert. De vault verwijst naar drie werkwijzen die je los kunt aanzetten.

  • De agile bouwlus in 10-SYSTEEM/werkwijze-bouwlus.md. Claude knipt een grotere opdracht op in blokken en legt na elk blok een check aan je voor. Je merkt fouten na tien minuten in plaats van na een halve dag.
  • De beoordelaar-subagent in 10-SYSTEEM/agents/beoordelaar.md. Een tweede Claude die een stuk toetst met schone context, dus zonder de redenering van de schrijver. Zet hem in op alles wat naar buiten gaat. Installeren gaat via agents/LEESME.md.
  • Sessielogs in 10-SYSTEEM/sessielogs/. Aan het eind van een werksessie legt Claude vast welke beslissingen zijn genomen en welke correcties jij gaf. Een consolidatiepass werkt daaruit je lessen en je geheugen bij.

Van de drie levert de beoordelaar het snelst resultaat op. Begin daarmee als je er maar één wilt aanzetten.

Houd lessons.md in de gaten. Dat bestand groeit sneller dan je verwacht en heeft daarom een eigen plafond met een archiefregel, net als MEMORY.md. Zonder onderhoud staat er na een half jaar meer in dan Claude in één sessie zinvol kan meenemen.

Klaar als je één werksessie hebt afgesloten met een log en de eerste les in 10-SYSTEEM/lessons.md staat.

Zet de harde guardrails aanoptioneel

Een guardrail in je global instellingen is een instructie. Claude houdt zich er meestal aan, maar het blijft tekst. Een hook is dwingend en werkt op tool-niveau.

In 10-SYSTEEM/hooks/ staat een PreToolUse-hook die je belangrijkste guardrails afdwingt. De hook draait voordat Claude een tool gebruikt en blokkeert wat je hebt uitgesloten, bijvoorbeeld het versturen van e-mail of het aanraken van je git-map. Installeren gaat via hooks/INSTALLEREN.md.

Doe deze stap als je Claude toegang geeft tot dingen die je liever niet kwijtraakt. Werk je alleen met losse documenten, dan kun je hem overslaan.

Klaar als de hook draait en een testaanroep van een geblokkeerde actie ook echt wordt tegengehouden.

Zet de compileer-vault opoptioneel

Werk je met binnenkomende bronnen zoals gespreksverslagen, exports of dossiers, dan loopt het snel vol. Claude leest bij elke vraag opnieuw dezelfde ruwe bestanden door, wat traag is en fouten oplevert.

De compileer-vault lost dat op met twee mappen. In 20-RAW zet je je onbewerkte bronnen neer en die verander je nooit meer. In 30-WIKI staat de gecompileerde synthese per onderwerp of per persoon, en dat is wat Claude terugleest. De werking staat in 10-SYSTEEM/compileer-schema.md.

Eén regel is belangrijk: een tekst die Claude eerder zelf schreef is geen bron. Toets een feitelijke bewering altijd tegen 20-RAW voordat je hem hergebruikt, ook als hij al in een goedgekeurd document staat.

Klaar als je eerste bron in 20-RAW staat en de gecompileerde versie in 30-WIKI.

Voeg de skills toe

Een skill is een vastgelegde manier om een terugkerende taak uit te voeren. Je beschrijft één keer hoe het moet en Claude volgt die beschrijving elke volgende keer. Skills kun je delen, dus wat jij maakt kan een collega gebruiken.

De kit verwijst naar twee skills om mee te beginnen. De Humanizer haalt AI-patronen uit je tekst en is gemaakt door @blader, te vinden op github.com/blader/humanizer. De brand-voice-skill leidt je schrijfstem af uit je eigen materiaal, zie stap 1.

Daarna maak je je eigen skills. Kijk naar taken die je vaker dan drie keer per maand doet en waarbij het resultaat er elke keer hetzelfde uit moet zien. Dat zijn de kandidaten. Waar een context-skill uit stap 4 beschrijft wat er in een werkgebied geldt, beschrijft een taakskill hoe één klus verloopt.

Klaar als de Humanizer draait op een tekst en je één eigen skill hebt gemaakt voor werk dat je vaak doet.
Wat zit erin

De onderdelen, los te downloaden

Liever alles in één keer? Gebruik de knop bovenaan of onderaan voor de volledige zip.

START-HIER.md

De leidraad. Werkt de negen stappen in volgorde door.

CLAUDE-global-sjabloon.md

Sjabloon voor je persoonlijke instellingen. Invullen en op twee plekken plakken.

context-skills.md

Waarom en hoe je een context-skill per opdrachtgever of werkgebied maakt, met een invulbaar sjabloon.

tone-of-voice-intake.md

Vragenlijst voor je schrijfstem. Vul je antwoorden in en vat ze samen tot een profiel.

tone-of-voice-skill-info.md

Uitleg bij de skill die je schrijfstem uit je e-mails afleidt.

humanizer-aanpak.md

AI-patronen in tekst herkennen en weghalen, zodat je teksten klinken als die van jou.

vault-sjabloon/

Volledige map- en geheugenopzet met CLAUDE.md, MEMORY.md, resources en notitiesjablonen. Inclusief de agile bouwlus, de beoordelaar-subagent, de sessielog-consolidatie, de guardrail-hook en de compileer-vault. Als zip.

Verdieping

Koppelingen: wat je Claude laat aanraken

De negen stappen richten in hoe Claude werkt. Koppelingen bepalen waar Claude bij kan. Dat is een aparte beslissing en het loont om die bewust te nemen.

Zonder koppeling kan Claude praten en werken in de map die je hebt aangewezen. Meer niet. Wil je dat Claude je agenda leest, een mail klaarzet of cijfers uit een dashboard haalt, dan heb je een koppeling nodig. Die heten MCP-connectors, naar het Model Context Protocol, de afspraak waarmee Claude gereedschap van buiten kan aanroepen.

Elke koppeling brengt drie dingen mee die geregeld moeten worden: inloggen bij die dienst, het toegangstoken vernieuwen voordat het verloopt, en bepalen hoe ver de rechten reiken. Per dienst is dat apart werk, en dat werk komt terug zodra een token verloopt.

Drie manieren om te koppelen

Via de begeleide setup

Typ /setup-cowork en loop de vragen langs. Dit is de route voor de gangbare diensten zoals e-mail en agenda. Je logt in, Claude ziet daarna het gereedschap staan.

Via een gateway

Een gateway zoals Composio bundelt honderden diensten achter één koppeling. Je logt per dienst één keer in op hun dashboard en het gereedschap verschijnt in Claude, zonder dat je per dienst iets installeert.

Als eigen koppeling

Voor systemen met eigen logica of eigen rechten, bijvoorbeeld je database of je advertentieaccounts. Meer werk om op te zetten, en je houdt zelf in de hand wat er wel en niet mag.

Wat een gateway je oplevert. Eén plek waar je inlogt en waar je ziet wat er aanstaat. Vaste, omschreven acties per dienst in plaats van losse API-logica. En uitbreiden zonder installeren: je koppelt een dienst in het dashboard en klaar.

Wat het je kost. Er zit een partij tussen jou en die diensten. Voor alles wat de deur uitgaat, dus mail en publiceren, los je dat op met een guardrail die om bevestiging vraagt. Zie stap 2.

Kies per koppeling bewust

Een koppeling die je aanzet en daarna vergeet, blijft openstaan. Loop deze vier vragen langs voordat je er een toevoegt.

Vraag 1 en 2

Waarvoor, en lezen of schrijven?

Waarvoor gebruik je hem? Kun je die vraag niet in één zin beantwoorden, koppel hem dan nog niet. Een verbinding zonder toepassing staat open zonder dat er iets tegenover staat.

Mag Claude alleen lezen, of ook schrijven? Lezen is bijna altijd veilig. Schrijven betekent dat er iets verandert bij een ander: een mail vertrekt, een bericht komt online, een record wijzigt. Zet daar een guardrail op.

Vraag 3 en 4

Wat kost het, en wat als het misgaat?

Kost een aanroep geld? Sommige diensten rekenen per aanroep of per gegenereerd bestand. Leg vast dat Claude het eerst voorlegt bij grote acties, anders merk je het pas aan de rekening.

Wat is de schade bij een fout? Bij een agenda die verkeerd inboekt, bel je even. Bij een advertentiecampagne die op actief gaat, ben je geld kwijt. Hoe groter de schade, hoe explicieter de bevestiging.

Leg je opstelling vast. Zet in je global instellingen per koppeling één regel: welke dienst, waarvoor, en wat Claude ermee mag. Dat scheelt uitleg in elk gesprek en het maakt zichtbaar wanneer een koppeling er zonder reden bij staat. Een langere beschrijving houd je in een notitie in 10-SYSTEEM, met per koppeling de vraag "waarom gebruik ik dit" beantwoord.

Loop die lijst een keer per kwartaal na tegen wat er in je dashboard aanstaat. In de praktijk lopen die twee uit elkaar: je koppelt iets om te proberen, of je haalt iets weg zonder je instellingen bij te werken. Claude gaat dan zoeken naar gereedschap dat er niet meer is.

Hoofdstuk 10

Hoe verder: zelf iets bouwen

Je Cowork staat. De stap daarna is Claude iets voor je laten bouwen dat blijft draaien.

Dat bouwen kan gewoon in Cowork. Je beschrijft wat je wilt hebben en Claude regelt de code, het hosten en de fouten die onderweg langskomen. Je hoeft er zelf niet voor te kunnen programmeren. Dat wordt vibecoding genoemd.

Wat je nodig hebt is een gratis account bij GitHub, waar de code komt te staan, bij Cloudflare, waar de site komt te draaien, en bij Supabase voor de database en de backend. Die drie koppel je één keer aan Cowork en daarna kijk je er niet meer naar om.

Begin klein. Een pagina die iets uitlegt, een rekenhulpje, een chatbot die vragen beantwoordt over documenten die jij aanlevert. Geef Claude een schermafbeelding mee van een site waarvan je de stijl mooi vindt, dan komt het uiterlijk een stuk dichter bij wat je in gedachten had. Reken op een kwartier voor een eerste versie.

De uitgebreide uitleg staat in de gids Claude Code uit niveau 4 van het leerpad.

Bronnen

Waar dit op gebaseerd is

Het leerpad in stap 0a bestaat uit gidsen van Ruben Hassid, gebundeld op claude101.com. De selectie en de volgorde zijn van mij. De informatie over cursussen en certificaten komt van anthropic.skilljar.com. Voorwaarden en aanbod veranderen, dus controleer ze daar voordat je je inschrijft.

De negen stappen en alle bestanden in de starterkit zijn van Verver.com. Ze komen voort uit de inrichting waarmee ik zelf dagelijks werk.

Begin met de starterkit

Download de volledige kit en werk de negen stappen door. Vragen of hulp bij je inrichting? Mail mark@verver.com.